overdenkingen van mijn moeder

 

 

Kerst 1992

De doornen van ons leven geven aan, dat er toch nog lichtpuntjes zijn. Onze blanke levens hebben vurige prikkels. Maar het liefdesvuur kronkeld nog vreemde wegen.

Purper kleurt de avondzon. Laten wij ons instellen op de dag van morgen. Met hoop op de toekomst. Vooral voor onze kinderen. Dan kunnen ook wij misschien gelukkig zijn

December 1992

Overdenking

5 jaar alleen, maar niet zonder mensen. Kinderen, kleinkinderen en vele vrienden. Ja velen hebben me geholpen, alles uit te dragen , wat wij samen toen graag wilden.

Of dat is gelukt, weet ik niet. Wel weet ik dat je gedachten steeds eenzamer worden. Je gevoelens kun je niet meer uiten. Soms voel je je daardoor reddeloos. Maar dat wil ik niet.

Ik wil erbij horen, ik wil zolang ik kan, me instellen op hulp voor anderen. Maar niet wetende hoe ik mezelf kan helpen. Alles wat ze voor me doen, kinderen, kleinkinderen is meer dan genoeg. Maar niet om mijn onmacht en innerlijke eenzaamheid op te lossen. Op avontuur gaan, past niet in mijn struktuur en karakter.

In mijn gedachten is er maar een die deze gevoelens kan wegnemen. Maar waar vindt je die?

Gelukkig ben ik niet totaal ontredderd en doe mijn best om het leven inhoud te geven, Maar ook om geestelijk en lichamelijk in goede conditie te blijven. Soms is alles heel moeilijk, ik moet daar wel ontzettend voor vechten.

En dan ineens doet zich iets voor wat ik nooit had kunnen denken.

De benadering, de eerste ontmoeting was rechtstreeks. Totaal verbluft en overstuur verliet ik de massa mensen. Het was geen vreemde, het was al jaren een vriend maar dan op afstand.

Veel is er ook in zijn leven gebeurd, wat we nu met tussenposen elkaar vertellen. Hij is ook niet eenzaam, heeft zijn kinderen en kleinkinderen, die hem na aan het hart liggen. Zijn jarenlange vriendschappen, die nooit verslappen.

Helaas zijn gevoelens kan ik niet op papier zetten. Wel weet ik nu we 4 maanden verder zijn er veel is veranderd. Je gaat leven van woensdag naar zondag. Er is een blij gevoel, wat ik tientallen jaren niet heb gekend. Alleen al die blijde blik, dat spreekt boekdelen. De gevoelens voor elkaar worden nog geremd, de verantwoordelijkheid van hoe nu verder is heel groot. Maar toch hoop ik dat deze voorzichtige benadering voor ons beiden tot goede resultaten zal lijden, naar een toekomst die we samen graag willen.

 

 

 

 

25 februari 1993

Droomwereld

Ik leef nog steeds in een droomwereld. Moeilijk is het te beseffen dat alles toch echt is. Het verlangen misschien van beide kanten heel groot. De dagen van stilte en overdenking duren gelukkig niet lang. Het ritme van komen en gaan willen we samen niet graag doorbreken. De liefde voor elkaar wordt steeds completer. Dan denk ik, het kan niet waar zijn. Maar toch, in elkaars nabijhied voelen we ons, denk ik, alle twee gelukkig. Voor mij, maar misschien ook voor hem onbegrijpelijk. Voordien had ik geen droomwereld. Het was allemaal bittere werkelijkheid waar ik mee bezig was. Jaren lang het zelfde ritme. Nooit aam iets denken, wat er eventueel tegemoet zou komen.

Maar is dit nu voor me weggelegd? Het is zo kostbaar en gevoelig, dat je het haast niet durft te uiten. Toch moet je ook de realitiet aanvaardeb. Met ons werk, je inzetten voor de mensen, wel allebei verschillend, maar dat geeft een gevoel er nog bij te horen. En het zet je met beide benen weer op de grond. Alhoewel de droomwereld voor mij toch wel de overhand krijgt.

Zo denkend over ons geluk, is het net of treed je een tuin binnen. Het eerste pad nog wat oneffen, maar hoe verder je gaat dwalen samen, hoe mooier het wordt.

De geur van ontluiken komt naar je toe. Steeds verlang je naar een volmaakte eenhied. Gelukkig biedt de tuin vele prachtige plekjes en kleuren. Zodat je alleen daar al samen van kan genieten. Dwalen inde tuin der liefde, er is geen groter genot. Maar het blijft ook verrassen en steeds wil je verder. Helaas de paden zijn soms lang. Gelukkig zijn er rustplaatsen. Met uitzicht op de toekomst?

Tot nu toe gaan we samen verder dwalen, op zoek naar het volmaakte. Nu al 37 keer. Het is nog een droom en de tuin ontwaakt. We zijn alleen nog op ontdekking. Vele paden en lanen hebben we nog niet ontdekt, maar het verlangen van ons beiden is groot om de goede weg te vinden. Nu is het nog een doolhof waar je vele kanten mee heen kan.

Na 63 keer zijn de paden niet meer zo oneffen en kronkelig. Zelfs breekt er zo nu en dan een zonnestraal door het lover. Een heerlijk geluksgevoel van warmte en genegenheid maakt dan bezit alle twee.

Toch dwalenwe verder op zoek naar het totale geluk. En dan zo plotseling een open plek vol bloemen en vlinders. Ontroerend dit moment, dan volgt een totale overgave wat geluk betekend voor alle twee. Overladen met zonnestralen, maar toch moeten we verder (64x)

Onze ontdekking is nog niet geheel volbracht. Het alleen samen zijn, de enorme rust, jezelf even vergeten. wat een heerlijk gevoel. De intiem verstrengelde momenten zijn voor beiden heerlijk.

Toch gaan we na 87x omwegen verder op ontdekking. In de stilte om ons heen. Zo nu en dan geluid uit de natuur rondom ons. We gaan ons veilig voelen met alles rondom.

En zo in de stilte plotseling een hele zwarte donkere lucht. Zelf heb je dat mee in de hand. Alleen kunje het pas realisereb als het te laat is. Veel tegenwind en stormen moeten we samen doorstaan. Hopelijk komt er weer snel een lichtpuntje. We laten onze gevoelens er niet door storen. Maar het pad is wel glibberig en nat.

 

Hunkering

Hunkeren naar iets wat ik niet ken, het is voor mij heel vreemd. Ook nooit is dat gevoel gewekt. Dus leef je een vanzelfsprekend leven, meende dat het zo hoorde.

Je innerlijke gevoelens werden steeds op een dwaalspoor gezet en je verzoende daar mee. Maar nu weet ik, wat ik altijd gemist heb.

Dat gevoel van 2 en toch 1. Een voorzichtige toenadering. Die blik van herkenning. Het aftasten om elkaar te beminnen. De lieve woordjes, het strelen. Blij zijn om in elkaars nabeiheid te zijn.

Ja een hele nieuwe wereld van intens geluk. Nu weet ik dat de totale overgave aan elkaar ontroerend kan zijn.

Is dat het gevoel wat we beiden hebben. Nu dan is het goed.

1 juni 1993

Teleurstelling?

Waar ben ik nu mee bezig. Mag ik nu al meer wensen? Waar heb ik recht op, waar haal ik die moed vandaan?

Eigenlijk zou ik me moeten schamen voor mijn gevoelens, ik meen dat het allemaal zo maar gaat. Maar die schat doet alles voor me. Is me ontroerend trouw en is met zijn eigen gevoelens al zo ver op weg. Alles is nog zo teer. Trouw komt hij maar steeds met nu een blijde lach en een tas of boeket. Haalt me op en brengt me weer thuis. Als het nodig is, dan is hij beschikbaar. Besteed al zo'n 32 uren per week aan me. Wat wil ik nu toch. Het helemaal bezitten van elkaar wordt steeds intenser. Het is mijn geluksgevoel, dat ik steeds weer een aantal dagen hem moet afstaan en missen. Ondanks dat ik weet dat hij deze vrijheid nodig heeft, moet ik me leren beheersen en ook blij zijn met mijn vrijheid. Maar toch is en blijft het moeilijk.

Maar ik moet niet gaan twijfelen, daar is geen reden voor. Hij is heel blij in mijn nabijheid en laat dat ook blijken

 

 

 

 

 

muziek: Willy Weits