Gerrit Zevenberg

pagina 4

next

10 october 1943 Hanover

Luchtaanval, die de binnenstad vernietigde

Luchtaanval

Het luchtalarm klinkt
door de lucht
de sirene zingt
en in hun vreemde vlucht,
komen zij

Zij komen met velen
in drommen aan
ik kan ze tellen
en het orkest van geluiden
dondert mij toe
wij gaan in onderaardse cellen van ons bestaan

Veelkleurige ideeen
stormen over ons heen,
het Russinnetje ligt
in barensweeen
bij ons en geen
van de mensen
neemt notie van haar

OP de tram staan Hollandse meisjes en mannen. En je ziet hier ook veel Hollandse postlopers, ze hebben hier ook PTT uniform aan. 's Avons is het hier wel gezellig dan zitten we bij de Kroaten en dan maken we muziek en zingen wat ieder in zijn eigen taal met het zelfde wijsje, wat soms wel raar klink. 's Morgens om 5 uur op staan en dan blijven we tot 5 uur op de fabbriek dan gaan we ons wassen en dan een half uurtje lopen naar ons lager dat wordt dus 6 uur dan eten, boodschappen doen (en daar moet je zo lang wachten) dan is het al wel half acht nou en er moet ook wel eens schoongemaakt worden of er is altijd nog wel wat te maken of te wassen. Het wordt altijd tegen 9 uur dat ik klaar ben en dan moet je zowat naar bed. Het schoonhouden van mezelf is prima, we mogen hier niet eerder van de fabriek af of we moeten ons gewassen hebben dus het kan niet anders en ik heb gisteren fijn een stortbad gehad dat hebben we ook op de fabriek.

Het meel is haast al weer op, dus als jullie het doen kan dan stuur maar wat over. Ik kan het best gebruiken.

Zondag zit ik op de fabriek met brandwacht van 1 tot 8 uur. We zitten gezellig buiten langs de cantine op banken, een Belg speelt banjo en mondorgel en de Fransen zitten te luisteren. Nou ik heb geprobeerd om mijn kousen te stoppen maar dat is hopeloos ik zal maar eens op de scharrel uit gaan naar een die het voor mij doen wil.

P.S. Ik zal hier wel niet eerder weg kunnen komen dan dat ik een half jaar hier ben. En naar de grens komen kan niet want ik moet zowat 20 uur reizen, wil ik daar komen en je mag niet te veel reizen. Wel hebben we de laatste week iedere nacht alarm gehad. Maar dat waren alleen maar overvliegers. Ik hou me taai hoor!!!

 

 

Afzender

G. Zevenberg

Wilhelm Smiddingswerke

Hannover, Linden

Gottinger chassee 8/9

Duitsland

 

 

Beste Ouders

Dit wordt een brief zonder leugens, want in de andere brieven is dit niet altijd zo. Nu om te beginnen, pen ik hier neer vanaf dat ik hier gekomen ben. Van de reis vanaf groningen naar Nieuweschans kan ik geen bijzonderheden over schrijven, alleen dat in Winschoten een paar vuile kerels in de coupe naast ons kwamen, waarvan een vermoedelijk mijn vulpotlood gepikt heeft. Toen kwam de grenspassering en ik kreeg een raar gevoel in me.

'Gerrit', dacht ik. 'Nu kan je niet meer terug.'

In Wener werden we gecontroleerd, we werden als een stuk of wat dieren in een troep gedreven en we werden een voor een afgeroepen en er kwam een stempel in onze pas. Er werd weer ingestegen en daar gingen we naar Oldenburg. Daar aangekomen konden we onze koffers op een wagen laden en wij zelf moesten als soldaten achter de wagen lopen, na een 3 kwartier lopen kwamen we bij een soort cafe met een grote zaal voor feesten, nu daar konden we slapen, er lagen papieren zakken met stro zonder dekens of wat anders, maar geslapen hebben we niet. Om 2 uur gingen we weer weg naar Bremen, daar moesten we overstappen, om 8 uur 's avonds waren we in hannover. daar aangekomen moesten we in het doorgangslager. Nu dat was me een zootje, vies, vuil, en smerig, ik geloof dat dan alles wel gezegd is. Slapen durfden we niet, want we waren bang dat we dan wel eens diertjes bij ons konden krijgen. De hele nacht hebben we in het wcahtlokaal doorgebracht. 's Morgens om 9 uur moesten we bij het doorganslager ons opstellen en na een half uur konden we vertrekken naar het Arbeitsambt, daar hebben we ongeveer 3 uur gewacht en toen kwam iemand mij ophalen. Toen was het lijden gelukkig afgelopen. Op de fabriek aangekomen kreeg ik warm eten en 2 dekens, pannetje, kroes en bordje alles van alluminium. Nadat dat gebeurd was, kon ik met een Hollander naar het lager gaan.

Zo nu kunnen we een maand overslaan, en dan komen we voor een verschrikkelijk feit, namelijk we zitten onder de lijfluizen. Nu we zijn wel ontsmet maar daarmee zijn onze kleren mee naar de maan gegaan, mijn kousen kan ik nu eenmaal dragen en dan moetik weer gaten stoppen van een vuist groot, maar daar heb ik wat op gevonden, ik loop nu zonder sokken naar het werk en ik werk ook zonder sokken aan. Dus dat is de grootste beroerdheid van alles dat onze kleren naar demaan zijn.

Nu dan zijn we weer een eindje verder, nu er zijn dan weer nieuwe arbeiders gekomen, daarvan heeft zich nu een verdronken, we hebben allemaal bijgedragen voor een krans. Maar evengoed is het verschrikkelijk. Dat ook grote mensen nog huilen kunnen heb ik verleden week pas eens goed vernomen. Koos kreeg een brief van huis, en toen hij die opende viel er een foto van zijn vrouw en zijn 2 kinderen uit nu toen heb ik me maar omgedraaid maar evengoed kreeg ik ook een raar gevoel in me en ik moest opeens aan huis denken. Ik vind het helemaal nog niet zo slim dat ik hier arbeiden moet, maar omdat alles hier gedwongen worden daar zit de kneep in, of heb je het nog zo goed.

P.S. Een ding wil ik nog schrijven we hebben goed van eten van onze eigen bonnen, maar het middageten op de fabriek is niet te eten. Ik laat het vaak staan, het is maar gelukkig dat ik af en toe een pakket krijg.

De tekeningen en foto's op deze pagina familiebezit

next

back home

e-mail sturen